Het VWA (voedsel en warenautoriteit) controleert de bedden en boxen in de kinderopvang. Deze dienen aan bepaalde eisen te voldoen. Voor meer informatie verwijzen wij u graag door naar de website van VWA.
Klik hier voor het downloaden van het PDF bestand eisenpakket voor kinderbedden en boxen in de kinderopvang
Regels kinderboxen -en bedden
In het najaar van 2007 is door het ministerie van VWS een wijziging van het Warenwetbesluit kinderbedden en boxen gepubliceerd. Deze wijziging maakt het mogelijk om voor kinderbedden en boxen via nadere regels specifieke eisen te stellen aan de veiligheid van dit type meubilair. Eind 2007 is vervolgens met o.a. vertegenwoordigers vanuit de kinderopvang gesproken over de nadere regels voor kinderbedden en boxen die in de kinderopvang worden gebruikt. Op basis van het overleg is de overgangstermijn voor het voldoen aan de nadere regels door kinderopvangondernemers verruimd naar 2016. Ook is bevestigd dat de regels niet gelden voor de gastouderopvang. In januari 2011 is er een wijziging in de Warenwetregeling gepubliceerd. Het besluit is niet gewijzigd, alleen de (NEN)normen die op basis van het besluit zijn aangewezen zijn op detailniveau gewijzigd klik hier voor de wijziging.
Voor fabrikanten en leveranciers van kinderbedden en boxen in de kinderopvang gaan de nadere regels meteen in. Dat betekent dat tot en met 3 maanden na de datum van de inwerkingtreding van de nadere regels er geen bedden en boxen bestemd voor de kinderopvang verkocht mogen worden die niet aan de nadere regels voldoen. Kinderopvangondernemers kunnen tot 2016 bedden en boxen blijven gebruiken die niet aan de nadere regels voldoen, maar zijn en blijven wel verantwoordelijk voor het in kaart brengen van de mogelijke risico’s en het zonodig nemen van preventieve maatregelen.
Met de wijziging van het Warenwetbesluit in combinatie met de nadere regels worden zowel eisen gesteld aan productie en verhandeling van kinderbedden en boxen als aan het gebruik in de kinderopvang. Het stellen van eisen aan het gebruik riep de vraag op of eisen voor het gebruik niet al zijn opgenomen in de Wet Kinderopvang. Dit punt is besproken in een overleg tussen OCW, VWS en VWA. Het overleg heeft duidelijk gemaakt dat de Warenwet en de Wet Kinderopvang elkaar niet overlappen, maar juist aanvullen. De Wet Kinderopvang stelt, in tegenstelling tot de Warenwet, geen specifieke eisen aan de veiligheid van producten. Met de aanpassing van het Warenwetbesluit en de nadere regels, is het nu voor een ieder duidelijk a) aan welke eisen kinderbedden en boxen die geproduceerd worden voor en geleverd worden aan de kinderopvang moeten voldoen, en
b) dat ondernemers in de kinderopvang ervoor moeten zorgen dat de aangekochte bedden en boxen in veilige staat blijven, dus aan de eisen moeten blijven voldoen.
De zorg dat kinderopvangondernemers aansprakelijk gesteld zouden kunnen worden voor het niet voldoen aan de eisen van bedden en boxen die zij na inwerking treden van de eisen hebben aangeschaft, is ongegrond. De verantwoordelijkheid voor het produceren en leveren van kinderbedden en boxen die aan de eisen voor gebruik in de kinderopvang voldoen, blijft bij de producent of leverancier.
De VWA is bevoegd toezichthouder voor de Warenwet en kan optreden tegen zowel fabrikanten als leveranciers als tegen kinderopvangondernemers. De GGD is toezichthouder op de Wet Kinderopvang en is niet bevoegd om op te treden tegen overtredingen van de Warenwet. Uiteraard kan de GGD wel signalen afgeven aan de VWA en/of aan het collega van B&W in het geval van niet aanvaardbare risico’s door onveilige bedden of boxen.
Ga voor de actuele wet-en regelgeving op dit gebied naar www.wetten.nl / onderwerp warenwetgeving kinderboxen -en bedden.
Bron: VWA in overleg met OCW april 2008 (toevoeging in 2011)